Posts tonen met het label tutorial. Alle posts tonen
Posts tonen met het label tutorial. Alle posts tonen

zondag 20 oktober 2013

Kleine slang....

Ik heb een slang gebreid... Om heel eerlijk te zijn is dit al de tweede, nummer 1 is al heel snel en sneaky meegegapt door een klein neefje :) Maar goed, ik moest toch het patroon controleren, dus ik was toch al van plan er nog één te breien. Inmiddels heeft het neefje zijn broer ook een slang beloofd, dus ik voorzie ook nog een derde in de toekomst. Deze slang is van sokkenwol (4 ply) en gebreid op naalden 2,25 mm.



Ik gebruik de Engelse termen omdat ik die gewend ben; hieronder een stekenverklaring.
K: knit; recht
M: make: meerder 1 steek door de lus tussen 2 steken op te nemen en te breien
K2tog: knit 2 together; brei 2 steken recht samen
SKP: slip, knit, pass over; 1 steek afhalen, 1 steek recht breien, haal de afgehaalde steek over de gebreide steek
PM: place marker; plaats een steekmarkeerder
SM: slip marker: schuif de markeerder op de andere naald
Voor uitleg over minderen en meerderen kun je terecht op knittinghelp en voor de Magic Cast On is een handig pdf met foto's. Er zijn ook veel filmpjes, maar ik houd niet zo van breifilmpjes. (ik word helemaal kriegel van het gefrunnik met het garen... hoe stom het ook klinkt; ik vind het vreselijk om te zien! Mijn eigen breien kan ik nog aanzien...)


Magic Cast On: 8 steken
1. K
2. M, K
3-5. K
6. K4, PM, K8, PM, K4
7. K tot de marker; M, SM, K1, M, K tot 1 steek voor de marker; M, K1, SM, M K tot einde
8. K
9. Repeat 7
10. Repeat 8
11. Repeat 7
12. Repeat 8
13. K2, M, K1, M, K4, M, SM
K1, M, K12, M, K1, SM
M, K4, M, K1, M, K2
14. K
15. K
16. K2, SKP, K6, SM, SKP, K12, K2tog, SM, K6, K2tog, K2
17. K
18. K2, SKP, K5, SM, SKP, K10,K2tog, SM, K5, K2tog, K2
19. K
20. K
21. K1, SKP, K1, SKP, K2, SM, SKP, K1, SKP, K2, K2tog  K1, K2tog,  SM, K2, K2tog, K1, K2tog, K1
22. K1, SKP, K1,SKP, SM, SKP, SKP, K2tog, K2tog, SM, K2tog, K1, K2tog, K1
23. K
Plaats de veiligheidsogen en vul de kop.
Brei vervolgens over 12 steken het lijf tot gewenste lengte. Je kunt eventueel verschillende kleuren gebruiken, zelfstrepend garen of effen garen.
Ik heb het lijf niet opgevuld, zodat hij flexibel blijft.
Voor de staart minder je iedere 7 toeren 1 steek.

Minder tot er nog maar 3 steken zijn; knip de draad af, rijg de overgebleven steken op de draad en trek de opening dicht. Hecht de draad af.





Je kunt ervoor kiezen om de slang nat te maken en te blokken om de steken gelijkmatiger te krijgen. Ik heb dat niet gedaan, ik heb een hulpje met een heel eigen methode…





Veel plezier met het patroon!

grtz, 

Ilse




*Op Ravelry staat een PDF die je kunt downloaden, helaas krijg ik dat op mijn blog niet voor elkaar. *
*On Ravelry you can find an English version available to download.*

vrijdag 28 juni 2013

Bezig bijtje breien..

Mocht je zin hebben om een klein bijtje te breien; hier is het patroon!


Dit bijtje is gebreid met gele en zwarte sokkenwol (4 ply) en 4 vierkante naalden zonder knop van 2,25 mm.

Ik gebruik de Engelse termen omdat ik die gewend ben; hieronder een stekenverklaring.
K: knit; recht
Kfb: knit front and back; brei zowel in de voorste als in de achterste lus (meerder 1 steek)
K2tog: knit 2 together; brei 2 steken recht samen
SKP: slip, knit, pass over; 1 steek afhalen, 1 steek recht breien, haal de afgehaalde steek over de gebreide steek
S: slip; afhalen
Voor nette streepjes raad ik aan de tug-and-twist methode te gebruiken (trek bij het begin van iedere toer de laatste steek aan -tug en draai beide werkdraden om elkaar- twist. Iedere 2e toer van een kleur de eerste steek afhalen zonder te breien: deze heb ik in het patroon aangegeven met S1)
For a jogless stripe I recommend the tug-and-twist method.

Met geel/ with yellow:

Magic cast on: 6 steken/ 6 stitches
1.   K
2.   K, Kfb
3.   K2, Kfb
4.   K
5.   K, Kfb
6.   K2, Kfb
7.   K
8.   K3, Kfb
9.   K
10. K
11. K
12. K3, SKP, K3, K2tog
13. K2, SKP, K3, K2tog
14. K,   SKP, K,   K2tog
15. K                  
plaats de voelsprietjes en vul het kopje vast licht op/ place antennae and stuff the head
16. K
17. K, Kfb
18. K
19. *zwart/black* K2, Kfb                       #tug & twist
20. *zwart/black* S1, K23                       #tug & twist
21. *geel/yellow*  K3, Kfb                       #tug & twist
22. *geel/yellow*  S1, K29                       #tug & twist
23. *zwart/black* K3, SKP, K3, K2tog     #tug & twist
24. *zwart/black* S1, K23                       #tug & twist
25. *geel/yellow*  K2, SKP, K2, K2tog    #tug & twist
26, *geel/yellow*  S1, K17                       #tug & twist -
knip de zwarte draad door en hecht deze af, vul de kop en lijf/ cut the black yarn, darn in and stuff head and body
27.  K1, SKP, K1, K2tog
28.  K
29.  SKP, K2tog
Knip de draad door en rijg de overgebleven steken op de draad. Vul het bijtje op, trek de steken samen en hecht af. Rijg een gele draad door het nekje, trek aan en hecht af. Borduur een mondje en oogjes.
Cut yarn, place leftover stitches on the yarn, stuff the body, pull opening closed and darn in the yarn. Use a yellow thread to tighten the neck. Sew on eyes and embroider mouth. 


Ik heb voelsprietjes gebruikt die ik heb gekocht in een hobbywinkel (bij de scrapbook embellishments). Je kunt ook draad, ijzerdraad of plastic sprietjes gebruiken. Denk ook eens aan de plastic tags waarmee prijskaartjes aan kleding gemaakt worden, vaak in wit, maar soms ook in zwart. Ook erg geschikt als snorharen...
For antennae you could use yarn, wire, storebought antennae or the plastic clothesstores use to put pricetags on the clothes.




De vleugels kun je maken van bijvoorbeeld organza, tule, of een plastic boterhamzakje! Knip een pindavormpje uit 2 laagjes van het plastic, ongeveer even groot als je bijtje zelf.
Neem een dubbele draad, doe een knoopje onderin en leg de lus om het plastic. Wanneer je de naald nu door de lus haalt en dit aantrekt rimpelen de veugeltjes samen en kun je ze zo op het bijtje naaien.
The wings could be made from tule, organza or as I did, a thin plastic sandwichbag. Cut out a peanutshape, about as big as your bee, from two layers. Wrinkle through the middle using a slip knot and secure to the bee.



Klaar! Hang hem aan een draadje, naai hem op een knijpertje of ijzerdraadje, ...
All done now!


Veel plezier met dit patroon! / I hope you enjoy this pattern!

Grtz,

Ilse

vrijdag 19 oktober 2012

Vleermuis



Het heeft even geduurd eer hij af was en ik moet toegeven dat ik hem al helemaal zat was... Tot ik het patroon eenmaal rond had en foto's ging maken. Het is toch eigenlijk wel een leuk beestje!
Er zijn heel wat patroontjes te vinden van de categorie 'bal met vleugels', maar ik wilde toch iets meer vorm in de kop en een apart lijfje. En batman-achtige vleugels!

Ik heb de vleermuis ook eens met catania fine en haaknaald 1,5 gemaakt; dan wordt de kop zo klein en smal, dat veiligheidsoogjes niet passen. Dan zitten de steeltjes en schildjes elkaar namelijk erg in de weg en blijven de ogen scheef zitten. Met een dikker haakgaren en een grotere haaknaald zal er meer ruimte zijn, maar controleer of het wel echt past, voordat je de oogjes vast maakt! Meer informatie over veiligheidsoogjes vind je hier. Je kunt natuurlijk ook oogjes borduren, maken van vilt of je gebruikt pailletten, zoals ik hier gedaan heb.

We beginnen aan de onderkant van het lijf:
1. 6 vasten in een magic ring
2. 2 v
3. 1v, 2v
4. 1v
5. 1v, 1v, 2v
6. 1v
7. 1v, 1v, 1v, 2v
8-11. 1v
12. 1v, 1v, 1v, 2samen
13-14. 1v
15. 1v, 1v, 2samen        
*vul het lijfje vast op*
16. 1v, 2samen
171v, 2v
18. 1v, 1v, 2v
19. 1v
20. 8x 1v, 2v, 2v, 14x 1v
21. 1v
22. 9x 1v, 2v, 2v, 9x 1v, 2samen, 1v, 1v, 2samen
23. 1v
*vul de kop*
24. 1v, 2samen
25. 2samen
26. 1v, 2samen
Knip de draad af en maak de kop dicht.
Voor een heel mooie manier van afwerken kun je kijken op Planet June.




Dan de vleugels: de rugzijde, inclusief vleugels en staart wordt uit 1 stuk gehaakt en daarna op het lijf vastgemaakt. Hierbij haak je hoofdzakelijk stokjes (afgekort als st) en halve stokjes (hst). Wanneer er 6x1 staat bijvoorbeeld, dan betekent dat dat je 6 keer in 1 steek 1 steek doet. Staat er 3st, 2st; dan bedoel ik dat je in de eerste steek 3 stokjes haakt en in de volgende 2 stokjes. Ik heb het uitgeschreven, maar ik heb ook schema's getekend.

[picot]: 2 lossen, een halve vaste in de tweede losse vanaf de haaknaald. Dit levert een puntje op.


2 lossen


insteken in de 2e losse vanaf de naald, omslaan


draad doorhalen; voila!


begin met 8 lossen
1. 3l (=1st) 2st in dezelfde steek, 6x 1 st, 3 st in de laatste steek, draai om



2. 3l en 3st, 2st, 2st, 6x1 st, 2st, 2st, 4st, draai om



3. 3l en 3st, 2st, 2st, 2st, 14 x 1 st, 2st, 2st, 2st, 4st, draai om



4. 2l (=1hst) 1hst, 2 hst, 2hst, 9x1 hst, 10x 1st, 9x 1hst, 2 hst, 2hst, 2hst, draai om



5. 2l, [picot] hst, 2x 1hst, hst [picot] hst, 2x 1hst, hst [picot] hst, 2x hst, hst [picot] hst,
3x hst, hst [picot] hst,
3x 1st, 3x 1dst, picot, 3x 1dst, 3x st,
hst [picot]hst, 3x 1hst, hst [picot] hst, ( 2 x hst, hst [picot] hst) 3x


De schema's, met voor iedere toer een andere kleur; de eerste 4 toeren




Toer 4 en 5:





De vleugels kun je aan het lijf naaien door de beginketting in de nek vast te zetten en in het midden van toer 4 een aantal steekjes te maken. De vleugels zijn nu nog wat te plooien. Wil je ze in een bepaalde houding vast hebben kun je stijfselspray gebruiken, of bijvoorbeeld haarlak.






Oren
begin met 3 lossen
1 1 losse, 1v in iedere steek, draai om
2 1 losse, 2v, 1v, 2v, draai om
3 1 losse, 1v in iedere v, draai om
4 1v in iedere v (geen keerlosse!) draai om
5 1v in iedere v, draai om
herhaal toer 5 tot er nog maar 1 steek is; knip de draad door en hecht af.



Maak nog een oor en naai beide aan het hoofd vast. Naai de ogen erop en borduur een mondje. Ik heb 3 steekjes gedaan en onder de buitenste steekjes heb ik hoektandjes geborduurd. (in dat geval is het handig een scherpe naald te gebruiken en eventueel een hobbytangetje om de naald uit het haakwerk te trekken.) Voor de neus heb ik franse knoopjes gemaakt.


Om de vleermuis op te kunnen hangen, haal je een dun draadje door een paar steekjes, net boven de nek. Ik heb wit gebruikt, omdat ik het graag zichtbaar wilde hebben tegen mijn blauwe muur, voor de foto.


Veel plezier met het patroon!

grtz,

Ilse

zondag 14 oktober 2012

Ripple tutorial: verschillende ins en outs



Of ik niet een nederlands patroon van een ripple-deken heb, werd mij gevraagd. Nou, die is vast ergens te vinden (ik heb hem zelf ook van een patroon van internet gemaakt). Het punt is alleen dat ik nu verschillende dingen weet, die ik niet in die patronen heb gelezen. Als ik dat geweten had, vóór ik aan mijn deken begonnen was, had ik sommige dingen toch iets anders aangepakt. 

Dus hierbij het principe van een ripple-deken (of zigzag, of chevron, net wat je wilt) met verschillende opties, tips en trucs!

Zorg in alle gevallen voor een los gehaakte beginketting, neem hiervoor bijvoorbeeld een grotere haaknaald.

Het patroon wat ik gebruik voor mijn deken is, denk ik, het meest gangbaar. Je begint met een ketting van lossen. Voor de eerste boog en de laatste boog heb je 12 lossen nodig; samen 24. Daarnaast heb je een veelvoud van 13 nodig, afhankelijk van de gewenste breedte. 


De eerste toer (ik adviseer in dezelfde kleur als de ketting; voor het contrast heb ik een andere kleur genomen) begint rechts. In iedere van de eerste vijf lossen haak je een stokje. In de zesde losse haak je drie stokjes (dat is de top). Dan haak je weer een stokje in ieder van de vijf volgende lossen. Vervolgens sla je twee lossen over (dat is het dal), waarna je verder gaat met de volgende boog; vijf keer een stokje, drie stokjes in 1 steek, vijf keer een stokje, twee steken overslaan. 


Iedere volgende toer werkt hetzelfde.


Steeds van rechts naar links. Naar eigen smaak kun je vaker dezelfde kleur gebruiken, of juist iedere keer een andere. Je kunt, zoals hier, door beide lussen insteken, maar je kunt ook alleen de achterste gebruiken, zoals ik met de roze toer gedaan heb. 


Het aanhechten kun je doen door met drie lossen (in plaats van het eerste stokje) te doen. Dan kun je het losse eindje 'meehaken', en hoef je dat later niet meer af te hechten. Je kunt het aanhechten ook doen door middel van een 'standing stitch'. Een soort 'stokje uit het niets'. Dan kun je het losse draadje niet in deze toer meehaken, maar pas in de volgende (omdat het losse eindje in dit geval aan de bovenkant van het stokje zit).

De standing stitch gaat als volgt:

Maak een schuifknoop


 Sla de draad om (houd je wijsvinger op de beide lussen, anders draait de omslag van je naald af)


Steek in, sla de draad om,


Haal de omslag door twee lussen, sla weer de draad om,


Haal de omslag door de twee overgebleven lussen.


In feite gewoon een stokje, maar dan 'vanuit het niets'. 
Net iets charmanter dan 3 lossen. 

Dan nu een variatie: Volgens bovenstaande manier gebruik je steeds 5 stokjes op het 'rechte stuk'. Dat levert kleine golfjes. Dat kan ook kleiner, maar ook zeker groter. 
Bijvoorbeeld met 10 stokjes. 


Dan reken je met 2x 22, dus 44 lossen voor begin en eind, en daartussen een veelvoud van 23. 
Je kunt ook groot en klein combineren; wie houd je tegen?! 
Wordt wel iets meer rekenwerk!

Deze methode levert kleine gaatjes op in je deken (of wat je er ook van wil maken). Zonder gaatjes kan het ook. In plaats van twee steken over te slaan, haak je 3 steken samen in één stokje. Dat heeft weer invloed op hoe groot je beginketting moet zijn, per boogje gebruik je namelijk 1 steek méér:



Wil je er nu een kussen van maken, later nog een randje om maken, of wil je om een andere reden graag dat de boven en onderkant wel recht zijn, dan kan dat; volgens het volgende schema: 

Ripple met gaatjes:
Onder

Boven (eventueel kun je het dubbele stokje vervangen voor een losse, om het gaatjespatroon voort te zetten)



Dit zou ook niet misstaan als armbandje...:)

Ripple zonder gaatjes:


En de verklaring van de symbolen (ook wel handig, gezien ik voor de vaste niet de officiele gebruikt heb...)


In plaats van met stokjes, kan dit ook met andere steken, zoals vasten, halve stokjes, dubbele stokjes, en afhankelijk van je steek word het deken soepeler of stijver (hoewel je dat ook kunt opvangen door een grotere haaknaald te nemen). 
Ik vind het een leuk patroon, ben ook erg blij met mijn eigen ripple deken. Ik niet alleen; vriendlief en de kat zijn er ook erg gecharmeerd van. Verder zijn er talloze voorbeelden te vinden op internet. Door met kleuren te spelen zijn er ook heel veel verschillende effecten te krijgen. Gewoon even googelen!

Ik kreeg de volgende tip van Mieke (zie reacties); op garnstudio staat een ripple patroon, in het nederlands. Deze is met twee toeren per kleur, in allemaal roze-tinten; heel mooi!

Ik hoop dat het zo een beetje helder is (en nuttig), vraag anders gerust!

grtz, 

Ilse